Jarenlang gold de 3-2-1-regel als de standaard voor back-ups. Drie kopieën van je data, opgeslagen op twee verschillende media, waarvan één op een andere locatie. Voor veel ondernemers was dat voldoende om met een gerust gevoel verder te werken.
Maar ransomware-aanvallen zijn veranderd. Aanvallers richten zich niet alleen meer op de originele bestanden, maar proberen ook back-ups en snapshots onbruikbaar te maken. Daardoor verschuift de aandacht binnen de IT-sector steeds vaker naar de uitgebreidere 3-2-1-1-0-aanpak. Daarbij draait het vooral om de vraag of je de back-ups daadwerkelijk kunt terugzetten. Voor ondernemers die op zoek zijn naar de beste webhosting is dat een belangrijk onderscheid. Een hostingpartij kan een groot deel van de strategie verzorgen, maar nooit alles.
Een snapshot is iets anders dan een back-up
Veel hostingpakketten benoemen snapshots en back-ups in één adem. Toch hebben ze een andere functie. Een snapshot is een snelle momentopname van je server. Handig wanneer een update mislukt of je een recente wijziging wilt terugdraaien. Een back-up is bedoeld voor herstel na grotere problemen, zoals een hardwarefout. De offline back-up vormt vervolgens de laatste verdedigingslinie wanneer ook het primaire systeem én de online back-ups worden geraakt.
Wat betekent 3-2-1-1-0?
De nieuwe richtlijn bouwt voort op de bekende 3-2-1-regel. Je bewaart drie kopieën van je gegevens. Die staan op twee verschillende typen opslagmedia. Eén kopie bevindt zich op een andere locatie. Daarnaast is één kopue offline of zodanig afgeschermd dat ransomware er niet bij kan. De laatste stap is de belangrijkste: nul fouten tijdens een restore-test. Een back-up is pas waardevol als je zeker weet dat hij ook echt werkt.
Wat regelt je hostingpartij?
Een goede hostingprovider neemt een belangrijk deel van deze verantwoordelijkheid uit handen. Denk aan dagelijkse back-ups, een retentieperiode van minimaal dertig dagen en on-site snapshots waarmee recente wijzigingen snel kunnen worden teruggezet.
Nederlandse aanbieders zoals Hostnet bieden deze voorzieningen standaard aan als onderdeel van hun hostingomgeving. Daarmee vullen zij de ‘host-kant’ van de 3-2-1-1-0 strategie in. Dat betekent niet dat de volledige verantwoordelijkheid bij de hostingpartij ligt.
Wat moet je zelf blijven doen?
De onderdelen die het vaakst worden vergeten, liggen juist bij de ondernemer zelf. Een offline kopie op een NAS of externe schijf blijft belangrijk. Net als het periodiek testen van een restore. Pas wanneer je daadwerkelijk een back-up hebt teruggezet, weet je of bestanden compleet zijn en of de procedure werkt wanneer het echt nodig is.
Een eenvoudige controlelijst helpt daarbij:
- Heeft mijn host dagelijkse back-ups en snapshots?
- Maak ik zelf een offline kopie?
- Wanneer heb ik voor het laatst een succesvolle restore-test uitgevoerd?
Die laatste vraag blijkt in de praktijk vaak het lastigste. Een back-up die nooit is getest, geeft slechts een gevoel van veiligheid. De 3-2-1-1-0 aanpak draait daarom niet om meer back-ups, maar om aantoonbaar herstel. Dat verschil wordt in 2026 steeds vaker gezien als de nieuwe norm voor bedrijven die hun data echt willen beschermen.